Tags

, , , ,

Laten we eerlijk zijn: Robbie Williams hoort op een podium. Een groot podium. En dan de hele zaal inpakken met een strakke show, een balletje hooghouden, een paar scherpe grappen en een knipoog speciaal voor jou. Rasperformer. Ideale schoonzoon en toffe gast tegelijk. Klein probleem: om een beetje muziekhal vol te krijgen, heb je hits nodig. Huidige hits, waar je eerdere successen trots naast kunnen staan (en vice versa).

Hoe werkt dat ook alweer, hits maken? Team Robbie, dit keer met producer Jacknife Lee, die werkte met oa. Snow Patrol, U2 en Two Door Cinema Club, doet het zo: Hou het simpel. Combineer slim elementen uit andermans hits. Een hee-hoo refreintje, een sample van een Noorse dance-hit en een gitaartapijt waar die ene grote Ierse band zo goed in is. Ook proberen: een nummertje synth pop toetsen en een klein beetje bombast met violen. De tekst maakt dit keer niet zo veel uit, al geeft een “go fuck yourself” natuurlijk wel een lekker scherp randje. Het lijkt op van alles, maar uiteindelijk is het gewoon Robbie Williams.

Take The Crown voelt als geheel weliswaar als een schot hit-hagel, maar er wordt wel een keer of vier dichtbij de roos geschoten. Single ‘Candy’ en vooral stamper ‘Hey Wow Yeah Yeah’ krijgen ongetwijfeld een prominente plek in de shows van de komende tour. Waarschijnlijk wel direct gevolgd door ‘Let Me Entertain You’ (1998) en andere klassiekers, die toch nog net iets beter zijn.

door Luuk Kloosterboer

Advertenties